Bij de gebeurtenissen in Gezinshuis Bersama was onze organisatie verantwoordelijk voor het zicht en de regie op de veiligheid van de twee jeugdigen die daar verbleven. Dat zij in onveiligheid hebben verkeerd en daaronder hebben geleden raakt ons, en we leven mee met hen en hun familie. Signalen van onveiligheid van deze jeugdigen hebben wij onvoldoende opgevolgd en dat spijt ons.

De inspectie constateert dat wij er onvoldoende in zijn geslaagd om de veiligheid van de jeugdigen te borgen en spoort ons aan om vanuit onze eigen verantwoordelijkheid voor de uitvoering van kinderbeschermingsmaatregelen voldoende zicht te houden op de veiligheid van de jeugdigen en – waar nodig – aanvullende stappen te zetten. Wij onderschrijven het belang hiervan. Vanuit onze regierol zullen wij actief zicht houden op de veiligheid van jeugdigen, de ontwikkelingen hierin blijven volgen en waar nodig passende stappen zetten om de veiligheid te borgen.

De conclusies en aanbeveling van de Inspectie nemen wij ter harte en deze worden ingebracht als aanscherping in ons organisatie-brede programma Kwaliteit van Zorg, zodat de verbeteringen duurzaam worden doorgevoerd. Onze organisatie draagt een grote verantwoordelijkheid voor kinderen die aan onze zorg zijn toevertrouwd en hun veiligheid staat centraal in alles wat we doen.