Jeugdbeschermer Marthe weet dat goede jeugdhulp niet alleen om de juiste ondersteuning draait, maar vooral om samenwerking. Als ouders, jeugdbeschermers en pleegouders de handen ineenslaan, zie je namelijk dat er ruimte ontstaat voor duurzame oplossingen. Dat blijkt ook uit het verhaal van Jason* en zijn moeder. Dankzij open communicatie, wederzijds respect en gedeelde verantwoordelijkheid, kon Marthe samen met hen op zoek naar wat het beste was voor dit gezin.
Eerste kennismaking
Marthe maakte kennis met dit gezin via de vrijwillige jeugdhulp. Ze werkte nauw samen met de destijds betrokken collega vanuit het Centrum Jeugd & Gezin en sloot regelmatig aan bij jeugdbeschermingstafels om tips en adviezen te geven over hoe om te gaan met ouders waarbij sprake is van een licht verstandelijke beperking. Helaas bleek de vrijwillige jeugdhulp in dit geval niet voldoende en werd er toch een ondertoezichtstelling uitgesproken. Marthe werd als jeugdbeschermer de gezinsvoogd van dit gezin.
Niet toe durven geven
Moeder en haar zoon Jason (nu 7 jaar) vormen het gezin. Toen Marthe hun gezinsvoogd werd, was al snel duidelijk dat deze moeder worstelde met een alcohol- en drugsverslaving. “Op het moment dat ik langskwam als hun gezinsvoogd was haar verslaving onder controle, maar na twee maanden kwam toch duidelijk naar voren dat het probleem groter was dan dat zij durfde toe te geven” zegt Marthe. Moeder besloot, hoe moeilijk zij dit ook vond, zich met spoed op te laten nemen in een verslavingskliniek. Wat betekende dat Marthe haar zoontje tijdelijk uit huis moest plaatsen. In ieder geval totdat de behandelingen erop zaten en moeder de verslavingskliniek mocht verlaten.
Samen maakten we een plan over hoe we de terugplaatsing gingen doen. Wat kon zij al aan? Wat had ze geleerd? En hoe zag ze zelf de terugplaatsing voor zich?
Plek bij leerkracht
Een plek vinden voor een uithuisplaatsing is nooit makkelijk. Met veel geluk kon Jason terecht in het pleeggezin van een leerkracht van school. Dat was een mooie start. Een bekend gezicht, gewoon in zijn eigen woonplaats en dichtbij vrienden en familie. “In de aanloop naar deze uithuisplaatsing heb ik moeder heel goed meegenomen”, zegt Marthe. “Ik wilde vanaf de start direct een goede samenwerking neerzetten tussen moeder en de pleegouders. Op de dag van de uithuisplaatsing heeft moeder haar zoontje bijvoorbeeld zelf weggebracht en mocht zij samen met haar zoon zijn kamer inrichten. We hebben toen goed ieders rol besproken en met pleegouders ook afgesproken dat zij tijdelijk de zorg gingen overnemen en dat we, wanneer moeder uitbehandeld was, gingen kijken naar terugplaatsing.
In de kliniek
Moeder heeft in totaal vier maanden in de verslavingskliniek gezeten. Haar zoontje kwam onder begeleiding van een ambulant werker ieder weekend bij haar op bezoek. “Zelf ben ik ook regelmatig bij haar langs geweest om te kijken hoe het ging en haar te informeren over Jason. Ze was lekker bezig met haar behandelingen en het ging supergoed. Samen maakten we een plan over hoe we de terugplaatsing gingen doen. Wat kon zij al aan? Wat had ze geleerd? En hoe zag ze zelf de terugplaatsing voor zich? Ik maakte haar duidelijk dat Jason niet in één keer terug kon komen, dat moest in kleine stapjes gebeuren”, vertelt Marthe.
Stap voor stap
Midden maart kwam moeder vanuit de kliniek weer thuis en werd de terugplaatsing van haar zoon meteen in gang gezet. “We begonnen met een dagdeel. Dan kwam hij bijvoorbeeld avondeten. Er was dan altijd ambulante zorg aanwezig, zodat moeder het niet direct helemaal alleen hoefde te doen”, vertelt Marthe. “Vanuit de eetmomenten hebben we toegewerkt naar een hele dag en vanuit een hele dag kwam er weer een dag bij. Zo bouwden we het langzaam op en om de vier weken hadden we dan een evaluatie. Dan zat ik met moeder, met de ambulante begeleiding en met pleegzorg om tafel. In de evaluatie gaf moeder aan dat ze het echt rustig aan wilde doen. Ze vond het heel moeilijk om vanuit het kliniekleven haar normale leven weer op te pakken. Doordat zij hier zo open over was, konden we de terugplaatsing heel rustig opbouwen. Stap voor stap bouwden we verder en vanaf juni bleef haar zoon doordeweeks ook twee nachtjes bij haar slapen.”
Als hij nu opeens fulltime bij mij moet komen dan stroomt mijn emmer over. Dan ben ik niet bereikbaar voor mijn zoon en ben ik bang dat het mis gaat.
Co-ouderschap in plaats van uithuisplaatsing
Vlak voordat de machtiging uithuisplaatsing verliep had Marthe een mooi gesprek met moeder, de ambulante begeleiding en pleegzorg. Moeder gaf in dit gesprek aan dat ze nog niet de volledige zorg voor haar zoontje kon dragen. “Als hij nu opeens fulltime bij mij moet komen dan stroomt mijn emmer over, vertelde moeder. Dan ben ik niet bereikbaar voor mijn zoon en ben ik bang dat het mis gaat.” Marthe besloot toen de uithuisplaatsing te verlengen. “Dat was voor moeder heel moeilijk. De term uithuisplaatsing alleen al voelde voor moeder als een straf. Moeder zei altijd dat ze het meer zag als een co-ouderschap met het pleeggezin.”
Het hoogst haalbare
Tijdens de begeleiding merkte Marthe dat de omgang toch niet goed werkte. Het was voor Jason niet overzichtelijk genoeg en de structuur was onsamenhangend. “We hebben toen de dagen van omgang omgegooid, om te kijken of dat beter zou gaan. Door dit beter te ordenen zowel voor Jason als zijn moeder kregen wij ook meer een beeld van hoe moeder de opvoeding deed. Moeder werkte echt superhard, maar we merkte toch aan haar dat ze op haar tenen liep. Ik weet dat ik bij moeder op de bank zat en me afvroeg of ik haar mocht vragen of dit niet het hoogst haalbare was. Het was een ingewikkelde vraag en ik twijfelde of ik het wel moest doen. Uiteindelijk heb ik het toch gevraagd.” Waarop moeder antwoordde: “Ik heb er zelf ook over nagedacht. Ik zeg dit met heel veel pijn in mijn hart, want ik wil niets liever dan fulltime voor mijn zoon zorgen, maar dit is wat het is. Ik kan niet meer.” Het was bewonderingswaardig van moeder en ontzettend knap dat ze zich zo kwetsbaar durfde open te stellen in een setting met allemaal hulpverleners.
Volledige terugplaatsing zit er op dit moment niet in. Marthe heeft de ondertoezichtstelling daarom met een jaar laten verlengen met als doel om terug te werken naar de vrijwillige jeugdhulp. Jason woont nu de helft van de tijd bij zijn moeder en de helft van de tijd bij zijn pleegouders en daar heeft moeder vrede mee.
Trots
“Ik ben ontzettend trots op deze moeder. Daarom had ik aan het eind van ons gesprek iets symbolisch voor haar meegenomen. Een kleinigheidje om mijn respect voor haar te tonen en mijn trots op alles wat zij heeft bereikt uit te spreken, vertelt Marthe. Ik haalde een gouden medaille uit mijn tas en zei: deze is voor jou. Want jij bent en blijft de mama van Jason en dat verdient een gouden medaille.” Moeder was zo trots, en terecht! Ze heeft de medaille boven de TV opgehangen, zodat ze daar altijd naar kan kijken. Dat geeft haar kracht!”
*Om privacyredenen is de naam Jason gefingeerd




